Meditatie: drs. H.J. van der Wal
Schriftlezing:
„Ik keek toe in de nachtvisioenen, en zie, er kwam met de
wolken van de hemel Iemand als een Mensenzoon.”
(Daniël 7:13)
Meditatie
We leven in een tijd die behoorlijk stormachtig is. Er is van alles aan de hand in de wereld en
het is niet te zeggen welke kant het precies op gaat. Heel veel structuren die tot voor kort
vanzelfsprekend leken, zijn dat niet meer. Als we naar het nieuws kijken dan kunnen we de
plaatsen waar oorlogen woeden niet meer bijhouden. Soms lijkt het wel alsof de wereld één
grote stormachtige zee is.
Als we de Bijbel openslaan kunnen we hierover veel leren van de visioenen die Daniël
gekregen heeft. In hoofdstuk 7 van het boek dat zijn naam draagt, krijgt Daniël een droom.
Het is niet zomaar een droom maar een nachtgezicht waarin God hem laat zien wat er in de
toekomst zal gebeuren. Een aantal hoofdstukken eerder was het juist koning Nebukadnezar
die een droom had die uitgelegd moest worden door Daniël. Eigenlijk staan de hoofdstukken
2 en 7 van het boek Daniël parallel aan elkaar. Je kunt ze dus naast elkaar leggen en met
elkaar vergelijken om de boodschap beter te begrijpen. Nebukadnezar zag in zijn droom een
groot beeld dat gemaakt was van verschillende materialen: goud, zilver, brons, ijzer en leem.
Dit beeld staat voor verschillende koninkrijken die het rijk van Nebukadnezar (het gouden
hoofd) zullen opvolgen. Hierover gaat het ook in hoofdstuk 7. Alleen ziet Daniël daar de
verschillende koninkrijken als een serie van verschrikkelijke beesten die één voor één
opkomen uit de grote, woelige zee.
Ook in de dagen van Daniël was er van alles aan de hand in de wereld. Daniël werd geboren
in het beloofde land maar werd als kind gedeporteerd naar het verre Babel. Daar maakte hij
carrière in twee opeenvolgende wereldrijken. Daniël krijgt zijn nachtvisioen in een tijd
waarin het Babylonische rijk bijna op zijn einde loopt. Dat koninkrijk is al een machtig rijk dat
zich uitstrekt van de grens met Egypte tot aan Iran. En zeker het rijk wat er op volgt, het rijk
van de Meden en de Perzen, kan met recht een wereldrijk genoemd worden (Dan. 7:5).
Daniël krijgt echter te zien dat ook dat rijk opgevolgd zal worden door ander rijk, namelijk
het rijk van Alexander de Grote en de vier generaals die hem opvolgden (Dan. 7:6). En
tenslotte komt er een vierder beest uit de stormachtige zee.
In een bepaald opzicht herhaalt de geschiedenis zich steeds weer. Een wereldrijk staat op en
voert oorlog maar vervolgens verschuiven de machtverhoudingen en staat een ander rijk op.
Elk van de beesten ziet Daniël echter voortkomen uit de zee. Nu moeten we beseffen dat –
anders de Urkers - de meeste Israëlieten weinig op hadden met de zee. De stormachtige zee
staat symbool voor de krachten die in de wereld tegen God in gaan. De HEERE maakt echter
duidelijk dat er eenmaal een verandering komt. Nebukadnezar had in zijn droom al gezien
hoe een steen die niet door mensenhanden afgehouwen is, het grote beeld kapot slaat.
Daniël zelf ziet in zijn nachtgezicht hoe het vierde dier gedood wordt en aan alle dieren de
heerschappij ontnomen wordt. Dit gebeurt wanneer de Oude van dagen, d.w.z. God zelf, als
rechter zitting houdt.
Net als in het laatste bijbelboek, Openbaring, lezen we hier dingen die soms moeilijk te
duiden zijn. Maar net als bij de Openbaringen die Johannes op Patmos kreeg, is de rode
draad wel duidelijk. God laat zien wat er in de toekomst gaat gebeuren en Hij laat ook zien